Reactie spelers

21

JUNI

Robin Van Persie Over Zidane, De Fascinatie Voor De Spits Positie, Hard Werken En 'geven Om Het Geven'.

Het Nederlands elftal heeft vandaag een vrije dag. De spelers hoeven niet te trainen. Voor een aantal spelers staat een gesprekje met de Nederlandse pers gepland. Ik spreek deze ochtend met Robin van Persie. Met een brede glimlach komt Robin de perszaal binnen. Hij geeft iedereen een hand en vraagt hoe het gaat. Ontspannen begint hij te vertellen:

Een vrije dag:

‘We hebben vandaag een vrije dag. Ik ga zo eerst een uurtje slapen. Dat doe ik altijd. Niet langer dan een uur, want dan kan ik ’s avonds niet in slaap komen. Wat ik daarna ga doen weet ik nog niet. Ik las ergens dat het apartheidsmuseum erg interessant is. We kunnen ook op Safari, dat is hier twee uurtjes vandaan. Als we vroeg vertrekken, lijkt me dat ook leuk. Vorige keer ben ik gaan winkelen met een aantal spelers. Het ging de eerste paar minuten prima, tot we een winkel binnen gingen. Ineens stonden er 50 man om ons heen, ha ha, dat was dus toch niet zo’n goed idee.’

Over het vele reizen tijdens dit WK:

‘Ik heb geen moeite met veel reizen. Bij Arsenal vliegen we ook zo vaak, het is voor mij net een busreis. Ik speel liever niet op hoogte in Johannesburg of Pretoria. Geef mij maar Durban en Kaapstad, ook al is dat weer lang reizen. Ik had veel meer adem in Durban en de ballen schoten ook niet zo weg. Gisteren zag je tijdens Brazilie-Ivoorkust dat ook daar veel ballen zo maar weg sprongen.’

Over voorkeur voor een tegenstander in de achtste finale:

Ik heb op dit moment geen voorkeur voor een land. Ook de grote landen laten punten liggen. En wij zijn sowieso niet in de positie om te zeggen dat we zomaar van iemand winnen. Trouwens, we willen toch wereldkampioen worden, dan moeten we tegen iedereen kunnen spelen. Het is ook niet een optie dat we bijvoorbeeld expres gaan verliezen tegen Kameroen om tweede in de poule te worden, om dan bijvoorbeeld Italie te mijden. Ik kan dat niet. Ik wil altijd winnen en dan maakt het me niet uit wat de consequentie daarvan is.’

Robin over zijn spel:

‘Ik speel nog steeds niet goed genoeg. Op de een of andere manier komt het er niet uit. Ik leg daarin volledig de schuld bij mezelf. Misschien krijg ik wel niet zoveel ballen, maar de ballen die ik wel krijg, daar moet ik veel meer mee doen. Ik heb minimaal twee keer een 100% kans gehad. De eerste keer tegen Denemarken en toen had ik een hele slechte aanname, en de tweede keer was vlak na rust tegen Japan op een pass van Van Bommel. Als die ballen er in vliegen, dan zit ik hier heel anders. Kijk naar Louis Fabiano, die maakt ze wel, misschien af en toe met eerst 5 keer hands, maar toch. Ik vind het daarom niet eerlijk om te klagen over de weinige bruikbare ballen. Wat nu overblijft is vechten en hard werken. Ik heb mijn hele leven moeten vechten. Ik weet dat dat de manier is om er doorheen te komen. Als het niet vanzelf gaat, dan maar op deze manier. Dan moet het uiteindelijk goed komen. Ik wil heel graag dat het lekker gaat en ik weet dat iedereen dat wil. Van de ploeg en de staf krijg ik veel vertrouwen en dat is fijn.  Maar weet je, de scheidslijn tussen wel en niet goed spelen is zo dun, dat klinkt misschien gek, maar zo voelt het wel.’

Verschil met de voorbereiding:

‘In de voorbereiding ging het heel lekker. Maar de instelling van onze tegenstanders was anders. Hongarije speelde de laatste wedstrijd voor hun vakantie. Je krijgt dat veel meer ruimte. Denemarken en Japan spelen alsof hun leven ervan afhangt. Ze hadden ons precies bestudeerd en zetten ons helemaal vast. Voor de wedstrijd tegen Japan gingen we met Frank de Boer vrije trappen oefenen. IK vroeg nog aan Frank of dat niet onverstandig was met al die Japanners op de tribune. Frank begon te lachen. “Robin, ze weten nu echt al alles van ons. Oefen nou maar en zorg dat het morgen goed gaat.’

Over spits zijn:

‘Ik vind het een enorme uitdaging om spits te zijn. Het is de moeilijkste positie in de aanval. Als buitenspeler heb je meestal maar 1 tegenstander en heel soms krijg je dubbele dekking. Als spits heb je standaard twee en soms drie tegenstanders, als de verdedigende middenvelder zich terug laat zakken. Ik hou enorm van uitdagingen en zie het echt als een missie om als spits op dit podium te slagen. Ik wil niet ruilen met Kuyt en aan de buitenkant spelen. Ik heb het gevoel dat ik dit kan. Ik loop niet graag weg voor moeilijkheden. Ik zeg wel tegen mijn medespelers dat ze me zo vaak mogelijk moeten inspelen, ook al sta ik gedekt. Laat mij het maar uitvechten met die tegenstanders. Echt ik wil zoveel mogelijk ballen krijgen.’

De uitdaging van spits zijn:

‘Als nummer tien kreeg ik veel meer ballen, als ik dan vijf minuten geen bal had aangeraakt, dan ging ik hem ophalen, al was het alleen maar even om de bal te kietelen. Nu moet ik uiterst geconcentreerd zijn. Ik loop, sleur en trek en krijg dan misschien maar 1 maal in de tien minuten een bal. Het is de kunst om met die ene bal iets goeds te doen. Dit vereist concentratie en is echt typerend voor de spitspositie, wachten op dat ene momentje en dan toeslaan.’

De tegenstander bij de strot pakken:

In iedere wedstrijd komen een paar momenten waarin je voelt dat je  de bovenliggende partij bent, dan moet je toeslaan. Tegen Japan hebben we dat verzuimd na de 1-0. We waren het kwartier daarna niet messcherp. Daar heeft Van Marwijk ons op gewezen. Dat moet echt beter. Darter Phil Taylor is een vriend van me. Hij  zegt altijd: “als de tegenstander verslapt, dan pak ik hem bij de strot.” Ik tafeltennis ook graag. Ik heb in het begin vaak lange rally’s, tot het moment dat de tegenstanders verslapt, dan pak je ineens 5 punten achter elkaar. Het is eigenlijk in iedere sport hetzelfde. Als wij voelen dat we in die situatie komen, dan moeten we de ballen diep durven spelen, want dan kan je killen.’

Arsene Wenger:

‘Het was Arsene Wenger die me voor het eerst vertelde dat ik als spits moest gaan spelen. Ik was natuurlijk altijd nummer 10, spelmaker. Het spel verdelen ging me goed af, ik weet dat ik dat kan. Maar Wenger heeft gezorgd voor die fascinatie voor de spits positie. Ik weet dat ik in het begin van dit jaar ook moeite had. De eerste vijf wedstrijden scoorde ik niet. Wenger bleef toen heel rustig: “Robin, al scoor je het hele jaar niet, geef je alleen maar assists en maak je de spelers om je heen zoals Fabregas en Nasri beter, dan ben ik ook tevreden. Die goals komen wel. Na zes wedstrijden begon ik te scoren.’

Verschil Robin met geboren spitsen:

Ik denk dat ik wel verschil met geboren spitsen. Zij willen alleen maar scoren. Ik wil vooral belangrijk zijn voor het team, dat meen ik. Ik geloof erin dat je moet geven voor het geven. Je moet niet geven om te nemen, daar is het team niet bij gebaat. Drogba is een echte spits. Hij wilde gisteren perse scoren, ook al stond hij 3-1 achter. Ik ben helemaal niet blij als ik 3-0 achter sta en dan de 3-1 scoor. Dat levert voor het team niets op. Als ik dit toernooi niet een keer scoor en we worden wel wereldkampioen, dan ben ik echt heel blij.’

Over Zinedine Zidane:

Robin begint te glunderen als hij over dit onderwerp praat.

‘Ik heb drie echte grote idolen, Cruijff, Maradona en Zidane.  Kijk, in mijn telefoon heb ik een foto met Zidane en met Cruijff. Ik heb ze allebei vorige week ontmoet.’ Robin laat trots zijn mobiele telefoon zien en vervolgt: ‘Het verhaal bij de foto met Zidane was heel grappig. Even geleden lag ik op de behandeltafel bij de fysio’s. Ze vroegen me wie ik graag wilde ontmoeten en met wie ik een keer op de foto wilde. Ik ben namelijk niet zo snel van foto’s en handtekeningen. Vorige week kwam ik bijvoorbeeld Shakira in de gym hier tegen. Jongens gingen toen echt in de rij staan voor haar. Ik vind Shakira een mooie vrouw en een goede zangeres. Maar mijn hart gaat daar niet sneller van kloppen. Voor mensen als Cruijff en Zidane en Maradona en ook trouwens Van Basten en Bergkamp voel ik echt liefde op afstand. Ze hebben zoveel voor me betekend. Maar goed, vorige week lag ik te rusten en toen belde Piet, de verzorger. Robin zei hij, kom snel naar boven, Zidane zit hier. Natuurlijk ben ik mijn bed uitgegaan. Zidane zat voetbal te kijken. Ik heb keurig gewacht tot de wedstrijd klaar was en ben toen naar hem toegegaan. “Hi my name is Robin Van Persie. I am a big fans of yours. Can I have a photograph with you?’ Hij was heel aardig en correct. Het was helaas niet het moment om met hem over voetbal te praten. Ik hoop dat dat ooit nog komt. Deze foto ga ik wel inlijsten. Ik heb ook een hele grote foto samen met Dennis Bergkamp in mijn kamer hangen. Echt bij deze mensen heb ik een warm gevoel.’  

 

 

 

 

 

 

 

Barbara BarendBarbara Barend
Volg Barbara op Twitter

Bookmark and Share

Barbara
maandag 14 juni

Ibrahim Afellay

Barbara
dinsdag 15 juni

John Heitinga

Barbara
maandag 14 juni

Joris Mathijsen

Barbara
maandag 14 juni

Eljero Elia

Barbara
maandag 14 juni

Maarten Stekelenburg

Barbara
maandag 14 juni

Rafael Van Der Vaart

Hyves Facebook Twitter Rss Youtube

Frits & Barbara beantwoorden jullie vragen

http://www.youtube.com/v/tha4x76XhRI&hl=nl_NL&fs=1&
Stel hier je vraag Of een video vraag stellen via Youtube

Home Reactie spelers

Robin van Persie over Zidane, de fascinatie voor de spits positie, hard werken en 'geven om het geven'.

Created by Lionhead

WKZomerHelden.nl is mede mogelijk gemaakt door: Unive

Sluit popup
Win WK prijzen