Vlak voor een finale met aan de ene kant zeven Barcelona spelers en aan de andere kant Mark van Bommel kan het niet anders of je denkt toch even aan Johan Cruyff. JC. El Salvador. De beschermheilige van Catalonië.
Johan had het niet gezien in Bommel, hoor je de hele tijd. Dat hij zo'n beetje de rest allemaal wel in de smiezen had en dat hij en zijn grote vriend Louis de steigers hebben neergezet waar dit Spaanse team is gebouwd hoor je weinig.
Hier niet althans. Wel in Spanje. Of in ieder geval in Catalonië.
Koddig vinden ze Johan ook daar. Wonderlijk vinden ze ook daar zijn ge-orakel.
Ik kan me nog herinneren dat ik in het Canarische, Barca-angehauchte, dorpje had gekeken naar een wedstrijd van het Barca waar Johan toen nog trainer was.
Aan het tafeltje voor mij zaten twee Spaanse hippige dertigers te kijken naar de persconferentie van Johan achteraf. Johan had het over de lengte van het gras, het grondwater, de draaiende wind, de ondergaande zon, het inklinken van het klei, de hümüslaag op het Asturische veld. Dit alles om een magere 0-1 in een voetbalwetenschappelijk kader te plaatsen. Een wirwar van woorden een mikmak van taal. Alleen voor gevorderde Cruyffologen enigszins toegankelijk.
En die zaten er niet in die Canarische kroeg. Alleen fans en leken. Aan het einde van JC's betoog keken de twee hippe dertigers elkaar aan. Een van hen maakte een gebaar richting zijn voorhoofd in de trand van "die is maf". Let wel; over Johan.
Eenmaal staand aan de bar bleek Johan wel hun held te zijn. Maar een beetje raar was hij wel. Zijn ge-orakel werd zowel aandoelijk gevonden als serieus genomen.
Of ik de laatste Cruyff mop kende. "Wij hebben geen Cruyff-moppen", zei ik.
In Spanje hebben ze die wel. Meestal gaan ze over zijn eigenwijsheid. Ook deze mop.; die ging zo:
Johan staat in en kruidenierszaak. Hij wijst naar een stuk zeep. "Geef mij wat van die Kaas" zegt Johan. In blokjes. Voor uit het vuistje."
De kruidenier antwoord; "Mijnheer Cruyff, met alle respect, maar dat is geen kaas, het is zeep".
"nee" zegt Johan. "Het is een groenige kaas van hier uit de streek. Die is erg lekker. Weet u wat; doe maar twee ons. In plakjes".
"Maar mijnheer Cruyff, het is geen kaas. Het is een stuk zeep. Hier! Proeft u maar.
De kruidenier snijdt een stuk af en geeft het aan Johan. Johan neemt een hap en begint te kauwen.
"Het smaakt inderdaad naar zeep. " zegt Johan. "Maar het is kaas"
"Was sich quält das liebt sich", zeggen de Duitsers. Spanjaarden vertellen moppen over Johan. Uit liefde. Uit respect. De grappen zijn een uitlaatklep om het menselijke in hem te benadrukken. Dat maakt hem aanraakbaarder.
"Johan is een godheid, zegt een van de twee hippe Spanjaarden. En bij de oude grieken hadden goden al zwakheden en rare hebbelijkheidjes. Net als mensen."
In Spanje plaatsen ze orakel Johan op de berg Olympus. In Nederland net even boven het maaiveld.
Eddy Terstall
Frits Barend
Volg Frits op Twitter













































































